Op bezoek bij president Benes thuis

Krantenartikel uit NRC met kop: We hebben sterke forten langs grens van Bohemen
We hebben sterke forten langs grens van Bohemen

In 1936 had A. den Doolaard als reisreporter van dagblad Het Volk een interview met de president van Tsjechoslowakije, Eduard Benes. Het  interview vond, onder het genot van koffie en cognac, plaats bij Benes thuis, in een bovenwoning aan het Burchtplein in Praag.

(...) een doodgewone donkerbruine burgermansdeur. Ik belde aan, er werd aan een touw getrokken en boven aan de smalle trap stond Benes, die mij voorging naar een gezellige biedermeier-kamer.

Sudetenland

Den Doolaard vraagt Benes naar de achterstelling van de Sudetenduitsers. In Sudetenland (onderdeel van Tsjechoslowakije, aan de grens met Duitsland) heersten ondervoeding en zelfs honger, en Praag trok zich er niets van aan. Sinds Hitlers opkomst waren in Sudetenland de ergernis en opstandigheid aanzienlijk toegenomen.

„Monsieur le président", zei ik, „ik begin met de lastigste vraag. Waarom is de regering van uw republiek er nooit in geslaagd om de meer dan drie miljoen Duitssprekenden als derde staatsvolk te erkennen? Zij vormen ongeveer een kwart van de totale bevolking." Zijn antwoord was diplomatiek, indirect oprecht, maar ook ontwijkend.

Benes vertrouwt de interviewer off the record toe dat de gelijke behandeling van de Sudeten-duitsers buiten zijn macht ligt, omdat dit wordt gesaboteerd wordt door locale politici. Voor de verdediging van het land vertrouwde Benes op de sterke Tsjechslowaakse forten aan de grens met Duitsland, en op het bondgenootschap met Frankrijk en Groot Brittanie.

Uiteindelijk leidde de situatie met de Sudetenduitsers tot het verraad van Munchen.

BunkerBunker met gat

Afbeeldingen: vooroorlogse Tsjechoslowaakse bunkers bij Nová Bystřice (Zuid-Bohemen) aan de Tsjechisch-Duitse grens. De schade op de tweede foto is van na-oorlogse schietoefeningen. (foto's © Albert Koevoet, 2011)

Verder lezen

Lees op de krantenwebsite van de Koninklijke Bibliotheek de ingezonden brief van A. den Doolaard in het NRC Handelsblad van 6 oktober 1988 en  het artikel van 20 oktober in diezelfde krant waarin A. den Doolaard terugkijkt op zijn ontmoeting met president Benes.

Gerelateerd

Praag, de stad der eters
Kamperen in Zuid-Bohemen

Herinneringen aan Jacques Gans

In een ingezonden brief in het NRC Handelsblad reageerde A. den Doolaard in december 1980 op een stuk van Max Pam over de schrijver en columnist Jacques Gans. In zijn brief haalt Den Doolaard een aantal belevenissen met Gans aan die getuigen van diens tegendraadsheid en notoir geldgebrek. Ook hun ervaringen in het Londense 'Comité van Actie tegen het Neo-fascisme' komen ter sprake:

Gans was de ziel van ons kleine Comité tegen het Neo-Fascisme, dat de autoritaire neigingen m.b.t. het naoorlogs bestuursbestel hekelde. Toen hij het echter met de verspreiding van ons manifest bij invloedrijke Britten en Amerikanen te dol maakte, riep de minister van Oorlog, Van Lidth de Jeude, hem in werkelijke dienst. Na zijn weigering om zich te melden bij de Prinses Irene Brigade, waar het volgens hem wemelde van fascistische of minstens fascistoide officieren kreeg de Ned. marechaussee bevel hem te arresteren. Mijn vrouw en ik hadden voor onze schaarse vrije dagen een caravan gehuurd. Deze stond 60 km buiten Londen op zo'n verborgen plek dat geen van onze vrienden ons zonder uitvoerige routebeschrijving compleet met schetskaart kon vinden. Ik had Jacques, die geen natuurminnaar was, enkel terloops verteld dat we op een uur lopen van het station Berkhamsted stonden. Op de dag na het ons onbekende arrestatiebevel, een zaterdag, zagen we zijn rare hoofd boven de belendende heuvelrand uitrijzen. Naderbij gekomen stortte hij zich eerst op mijn glas bier en vroeg toen kalm: „Bob en Erie, kan ik bij jullie onderduiken? De zilveren tressen zitten me achter m'n kont". Hij bleef een week; toen had hij, zoals uit een achtergelaten briefje bleek, genoeg zuivere landlucht gezopen. De ware reden was dat hij zijn krediet bij de enige kroeg in de omtrek fiks had overschreden.

Naast A. den Doolaard beschreven ook W.F. Hermans en Arthur Lehning hun herinneringen aan de non-conformist Jacques Gans.

Ingezonden brief A. den Doolaard over Jacques Gans
Ingezonden brieven van A. den Doolaard en W.F. Hermans over Jacques Gans (NRC Handelsblad 20 dec. 1980)

Het huis op de zeeboulevard

Voorkant tijdschrift De Wete april 2016In tijdschrift De Wete van de Heemkundige Kring Walcheren (45e jaargang nummer 2 | april 2016) verscheen een artikel van Jan Moekotte over A. den Doolaard op Walcheren. In het artikel beschrijft Moekotte het werk van A. den Doolaard voor de Dienst Droogmaking Walcheren en zijn speurtocht naar de woonadressen van A. den Doolaard: Loskade 27 in Middelburg en Huize de Sardijngeul in Vlissingen.

Sardijngeul

Vooral over huize de Sardijngeul aan de Boulevard Evertsen wist Moekotte (mede met dank aan de huidige bewoner) veel nieuwe informatie te vinden. Zo wist hij de hand te leggen op een foto uit 1946 waarop de oorlogsschade aan het pand nog zichtbaar is, die den Doolaard in Het leven van een landloper beschreef:

"Het halve dak was er slechts af, en in de zijmuur gaapte een gat waar een auto doorheen kon."

Huizen met oorlogsschade aan de boulevard in Vlissingen
Oorlogsschade aan de Boulevard Evertsen met de zijgevel (met gat) van Huize de Sardijngeul links op de foto

Kogelgaten

Bij een verbouwing van de Sardijngeul bleken op de bovenverdieping het plafond en de houten zoldervloer vol met kogelgaten te zitten. Geallieerde militairen hadden bij de inname van het pand kennelijk geen risico's willen nemen en het plafond met mitrailleurvuur doorzeefd om eventuele achtergebleven Duitse militairen uit te schakelen.

Oek de Jong

De huidige bewoner wist aan Moekotte nog te melden dat A. den Doolaard niet de enige schrijver was die in de Sardijngeul gewoond en gewerkt heeft, Oek de Jong heeft in dit pand een zomer gewerkt aan ´Opwaaiende zomerjurken´.

Gerelateerd

Huize de Sardijngeul
Het verjaagde water
Het verjaagde water achterna

Na het bevrijdingsfeest

Nadat A. den Doolaard in de nacht van 4 op 5 mei 1945 in Londen samen met minister-president Gerbrandy aan verklaringen over de capitulatie van nazi-Duitsland had gewerkt, regelde hij een door Gerbrandy ondertekende marsorder om zo snel mogelijk naar Amsterdam te kunnen gaan. Na een vlucht naar Eindhoven in een DC-3 vol postzakken, een lift met een tankcolonne naar Den Bosch en een jeeprit naar Het Loo arriveerde den Doolaard twee dagen later in het pas bevrijde Amsterdam, waar hij aan de Keizersgracht onderdak vond in het huis van Henk van Randwijk, mede-oprichter van het ondergrondse blad Vrij Nederland.

Bevrijdingsfeest

Op een filmpje van een bevrijdingsfeest op de Dam in Amsterdam, waar o.a. Gerbrandy de menigte toespreekt, ontdekte ik een mij maar al te bekend gezicht in de menigte: A. den Doolaard, in het uniform van eerste luitenant (destijds zijn rang bij de sectie Voorlichting van het Militair Gezag). Dit filmpje kwam ik tegen op de wikipedia-pagina over Henk van Randwijk, en heeft daar als onderschrift 'Van Randwijk (film, 1 mei 1945)'. Deze datum is niet correct, op 1 mei was Amsterdam nog niet bevrijd, meer waarschijnlijk is 9 mei 1945.Op de website van Open Beelden heeft dit Polygoonfilmpje de titel Bevrijdingstoespraak mei 1945 (en als publicatiedatum ook 1 mei 1945). A. den Doolaard is duidelijk in beeld van 5:04 tot 5:12 min.

A. den Doolaard in het publiek (tussen twee scouts)
A. den Doolaard in uniform bij het bevrijdingsfeest van (waarschijnlijk) 9 mei 1945 in Amsterdam (still uit bovengenoemde Polygoonfilm)

Na het bevrijdingsfeest 

Na afloop van het bevrijdingsfeest dichtte A. den Doolaard het gedicht 'Na het bevrijdingsfeest', dat werd afgedrukt in het bevrijdingsnummer van Vrij Nederland dat op 17 mei 1945 verscheen.

Gedicht 'Na het bevrijdingsfeest'

Keizersgracht 604

In de Beeldbank WO2 staan een aantal foto's van een bezoek van A. den Doolaard aan Vrij Nederland op de Keizersgracht 604. Deze foto's van 12 mei 1945 geven een beeld van de intense vreugde van de bevrijding.

A. den Doolaard per auto voor de Keizersgracht
A. den Doolaard per auto op bezoek bij Vrij Nederland, 12 mei 1945

Radio-uitzendingen De Brandaris en Radio Herrijzend Nederland online

A. den Doolaard als omroeper met gebalde vuist voor de microfoon

Het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid heeft meer dan honderd bewaarde uitzendingen van Radio De Brandaris en Radio Herrijzend Nederland gepubliceerd. A. den Doolaard was vanaf het begin omroeper bij zeemansomroep Radio de Brandaris. Beeld en Geluid zette een aantal uitzendingen van deze oorlogszenders in de schijnwerper, zoals de eerste uitzending van Radio de Brandaris op 10 juli 1941, met A. den Doolaard als omroeper. Via de online catalogus van Beeld en Geluid zijn alle uitzendingen te beluisteren.
Al eerder werden uitzendingen van Radio Oranje online gezet.

Gerelateerd

Laatste uitzending Radio de Brandaris
Verzet vanuit de verte - onderzoek naar Radio Oranje door Onno Sinke
Reunie Radio Oranje
Londen 1944
Excellentie (protestbrief)

Reacties zijn welkom

Ik vind het leuk om reacties te krijgen, dus reageer gerust wanneer je vragen, opmerkingen of aanvullingen hebt. 

Reageren kan onder elk artikel