Liefdesverdriet leidde tot landschapsgedicht...

Al enige tijd heb ik een exemplaar van de vrije bladen uit december 1927 in mijn bezit, met daarin het gedicht 'Haut Dauphiné - een landschapsgedicht' van A. den Doolaard. Pas onlangs ontdekte ik het verband tussen de beschrijving die den Doolaard in 'portret van een kunstenaar' (Hans van de Waarseburg, 1982, p. 17/18) geeft van zijn verbroken verloving, en de laatste strofe van dit gedicht. Lees en vergelijk:

"Ik ben op vrij jonge leeftijd lid geworden van een atletiekclub (Club te Werve in Rijswijk, hierover later meer... AK), misschien was ik een jaar of tweeëntwintig. Naast gewone wedstrijden hadden wij ook sportfestijnen over en weer in Engeland. Daar ben ik toen op een Engels meisje verliefd geworden, heel erg verliefd zelfs. Ik ben er zelfs mee verloofd geweest. De lijnen voor mijn toekomst lagen duidelijk uitgestippeld: verliefd, verloofd, promotie maken en trouwen. Maar op een gegeven moment heb ik godzijdank een slimme streek uitgehaald. Tijdens een vakantie heb ik haar meegenomen naar de bergen in de Dauphiné. (....) Op een dag sleepte ik haar mee over een gemakkelijke bergpas, waarbij we over een gletsjer moesten met slechts enkele spleten. Het leek een makkie, maar we kwamen in een diepe nevel terecht en toen is ze doodsbang geworden. Achter aan dat touw had ik geen meisje, geen vrouw meer, maar een uit doodsangst blatend schaap. Waarop ik tot de ontdekking gekomen ben - en zij omgekeerd - dat we toch niet helemaal voor elkaar deugden en toen heeft zij het uitgemaakt"

'Haut Dauphiné'

Op een brokklende top een eenzaam man,
Dagen voorbij het laatste dorp,
Uren voorbij het laatste hart.
Maar van allen op de donkere aarde
Is één, die weet, wat het heftig haamren
Trillend verbergt en trillend verraadt;
Een, die woont aan het duizlen der witte zeeën,
En wier lichte stem en donkere oogen
De donkre geheimen van licht en wind
In roekloos geroofde kussen verraden.
Doch nimmer kunnen hun harten tezamen
De diepten der sterrenachten doorwaken.
Toch zoeken zijn oogen de horizonnen,
Maar blijven gebannen binnen de bergen.
En in zijn hart trekt de huiver der hoogten,
Zijn hart is brandende rond de toppen,
Zijn hart is het hart der Dauphiné.

Towards the Col de l'Eychauda

vrouw op paard

Op de A. den Doolaard tentoonstelling in het gemeentehuis van Apeldoorn in 2006 werd een fotoalbum van A. den Doolaard tentoongesteld met daarin een foto van een vrouw op een rijdier met als onderschrift "towards the Col de l'Eychauda". Deze col ligt iets ten westen van Briancon, in de Dauphiné...

Gerelateerd

Kerst in Londen