Onlangs kocht ik een exemplaar van De druivenplukkers uit de bibliotheek van voormalig Broese-directeur Chris Leeflang, met zijn ex libris en een getypte briefkaart van A. den Doolaard aan de firma Broese in Utrecht, gedateerd 3 november 1936:
Toen A. den Doolaard en zijn vrouw Erie in juni 1941 als Engelandvaarders in Londen aankwamen, vond hij al snel werk als omroeper bij de zeemansomroep De Brandaris. Erie werd verzocht om te komen werken voor De Flitspuit, een geheime propagandazender die vanuit Engeland uitzond maar zich voordeed als illegale radiozender vanuit Nederland. Het doel van De Flitspuit was om het moraal en het verzet onder de Nederlandse bevolking te versterken. Hoewel de Duitsers door metingen al snel concludeerden dat de uitzendingen vanuit Engeland kwamen, bleef onder de Nederlandse bevolking lang het idee bestaan dat de zender vanuit Nederland uitzond.
De Nieuwe Plaggensteker, de 'dorpskrant van Hoenderloo', meldt dat op 31 mei om 11 uur Ton van Zoggel een lezing geeft in museum De Kleine Arcke over sporen van A. den Doolaard in Ohrid en Macedonië. "Vorig jaar ging hij met een gids op zoek naar sporen van de schrijver in het Ohrid en Macedonië van nu. Wat die zoektocht opleverde kunt u op 31 mei uit zijn eigen mond vernemen. Kunt u ook meteen inspiratie opdoen voor uw eigen Balkantrip. U bent van harte welkom. De toegang is gratis." Museum De Kleine Arcke (foto: Ton van Zoggel)
Na de capitulatie van het Nederlandse leger in mei 1940 werd door Telegraaf-correspondent H.J. van den Broek en andere Nederlandse correspondenten in Parijs een radio-omroep opgericht, met het idee vanuit de Franse hoofdstad uitzendingen te maken voor de inwoners van het bezette Nederland. Na hun aankomst in Parijs voegden ook A. Den Doolaard en zijn vrouw Erie zich eind mei bij de omroep.
Wat kunnen democratisch gezinde journalisten uitrichten in en tegen fascistische regimes, is de vraag die centraal staat in Wapen tegen wapen - Over het werk van socialistische journalisten in de fascistische landen, een brochure van 32 bladzijden uit 1936 van A. den Doolaard en L.J. van Looi. Beide werkten destijds als correspondenten in het buitenland voor het sociaal-democratische dagblad Het Volk.